logo
OVER PLUS  -  PROGRAMMA  -  NIEUWS  -  ARCHIEF  -  LINKS  -  PERS  -  CONTACT  -  LOKATIE   

Film: Late Spring

De gevierde Japanse filmmaker Yasujiro Ozu staat in het Westen bekend als de meest Japanse van alle Japanse regisseurs. Dat is een nogal beperkte typering die vooral gebaseerd is op zijn befaamde stijl. Die stijl wordt gekenmerkt door Zen-achtige tussenshots en een camera waar de acteurs bijna rechtstreeks in kijken en die meestal op zithoogte staat. Ook typisch Japanse elementen als een minutenlang durende theeceremonie, een traditionele no-voorstelling of terugkerende beelden van een Japanse tuin dragen daaraan bij.

Maar iets heel ‘Japans’ noemen suggereert ook een bepaalde culturele afstand en die is er juist niet. Dat is waarschijnlijk de reden voor de wereldwijde populariteit van Ozu’s oeuvre. Met name zijn naoorlogse films gaan over familiebanden, een universeel en uiterst invoelbaar thema – ook al dragen zijn hoofdpersonen kimono’s en zitten ze op tatami-matten.

Vorig jaar bracht filmmuseum Eye Ozu’s meesterwerk Tokyo Story opnieuw uit in de filmtheaters. Deze zomer volgen Late Spring (‘Banshun’) en Early Summer (‘Bakushu’). Gedrieën vormen ze de zogenaamde ‘Noriko-trilogie’, vernoemd naar de gelijknamige heldin. In alle drie de films wordt zij gespeeld door de Japanse steractrice Setsuko Hara, die twaalf jaar nauw samenwerkte met Ozu.

Zowel Late Spring als Early Summer gaat mede over de gestage assimilatie van westerse invloeden in Japan. Zo zien we in Late Spring een Coca-Cola-advertentiebord langs de weg staan, discussiëren personages gepassioneerd over Hollywoodfilms en spelen kinderen honkbal. Ook in de thematiek is deze veramerikanisering merkbaar. Is in Late Spring (1949) een door een vader gearrangeerd huwelijk voor zijn dociele dochter Noriko nog de norm, twee jaar later is Noriko iemand die bewust vrijgezel is en zelfs een baan heeft. Samen met haar vrijgezelle vriendin staat ze tegenover twee wél getrouwde vriendinnen, die zij flink uitlachen. Toch is er druk van haar familie om te trouwen. Maar de beslissing wie het wordt maakt ze uiteindelijk zelf, al verrast ze hiermee haar ouders en broer.

Over Japanners wordt vaak gezegd dat hun emoties zo lastig te interpreteren zijn. Ook met dat idee rekent Ozu af. In een fabuleuze sequentie in Late Spring laat Setsuko Hara zien wat een geweldige actrice ze is. Als ze zich tijdens een bezoek aan het theater realiseert dat haar vader, een weduwnaar met wie zij samenwoont, opnieuw gaat trouwen zijn – zonder ook maar een woord te zeggen – uiteenlopende emoties als verdriet, afschuw en acceptatie van haar gezicht te lezen.

In Ozu-films zit altijd een stevige dosis melancholie. Niets blijft zoals het is, alles is in flux. De regisseur bekrachtigt dat nog eens flink met zijn natuurmetaforen. Maar wat Ozu’s weldadig kalm vertelde films uiteindelijk zo overdonderend maken is dat hij in twee uur de volle breedte van het leven laat zien, van nagels knippen tot de ingrijpende beslissing met wie Noriko in het huwelijk zal treden.



Gerelateerd:

Website: klik hier...